Reacties



[Vorige] [Project 0] [Volgende]

Historische kaart als sollicitatiebrief

De Gelderlander, 270503
Hij moet een beetje wanhopig geweest die dag in 1590. Werkloos en nog geen WW. Starend door de ramen van zijn huis in Dordrecht. Hij herpakte zich, zette zich aan het tekenen: aan een kaart van West-Brabant. Het werd zijn sollicitatiebrief bij prins Maurits.
Een noodkreet van kaarttekenaar Jan Symonszoon Indervelde: "Ik wil mijn brood verdienen. Geeft u, doorluchtige hoogheid, mij toch werk?" Dat schreef hij rechtsonder op de kaart.
Aan die wonderlijke 'sollicitatiebrief' danken we de mooiste en op één na oudste, volledige kaart van West-Brabant. En de oudste? Die was vijfentwintig jaar eerder getekend, in 1565. Door dezelfde Indervelde.
De kaarten verdwenen in de grijze schemer van de geschiedenis. Ze werden teruggevonden. Nu, vierhonderd jaar later, worden ze uitgegeven door de Geschiedkundige Kring Bergen op Zoom. Samen staan die twee kaarten bekend als 'de Gastelse kaart'. Beide kaarten beslaan de regio tussen Bergen op Zoom en Moerdijk. Ze vertellen op een onthullende, simpele manier hoe dit deel van Brabant ontstaan is.

Herders
Kort voor 1565 moet een veerman met zijn boot Jan Symonszoon over de Dintel geroeid hebben. Om de tekenaar-landmeter af te zetten op de gorzen bij Fijnaart, het aanwassende land dat we nu als polders kennen. Toen woonden er herders. Bij hoogwater vluchtten ze met hun schapen naar opgeworpen hoogten in het landschap, de stellen. Op die herdersheuvels wachtten ze tot het water weer zakte.
De komst van Indervelde moet voor de herders een veeg teken zijn geweest. Hij liet, geassisteerd door arbeiders, palen in de gorzen slaan, zijn meetpunten. Bedreigend, zo moeten de herders dat ervaren hebben. Een gevoel van alle tijden. Zoals Indervelde op de gorzen, zo verschenen rond 1965 ook de eerste landmeters bij de boerderijen op wat nu het industrieterrein Moerdijk is. Zo zagen ook de bewoners van het hsl-tracé op een dag plots schijnbaar onbetekenende paaltjes staan. Voorboden van een onafwendbare gedwongen verhuizingen.
Waar Indervelde palen sloeg, kwamen onherroepelijk dijken, ontstonden er polders. De weelderige gorzen droogden uit. Op een dag bleef de vloed weg en was er geen plaats meer voor nomadisch herdersvolk.

Geduvel
Indervelde, die geassisteerd werd door zijn Bredase collega Cornelis Pieterszoon, tekende de eerste gedetailleerde kaart van het eilandengebied van noordwest-Brabant in opdracht van de in Brussel zetelende Raad van Brabant. De raad moest recht spreken, want een paar grootgrondbezitters in het gebied hadden geduvel met elkaar: over grenzen en over het daarmee samenhangende innen van tienden; belastingen in natura.
Het waren Jan IV van Glymes, de markies van Bergen op Zoom, en de abt van het klooster Sint Bernaards uit Hemiksem aan de Schelde, bij Antwerpen. Met de kaart van Indervelde in de hand wist de Raad van Brabant de heren ertoe te bewegen hun geschil bij te leggen. Ze kregen allebei een exemplaar van de kaart. Die van de markies verdween en kwam nooit meer te voorschijn. Met Glymes liep het al even slecht af. Tijdens een 'vredesmissie' naar Spanje in 1565 raakte hij gewond en bezweek aan koortsen. Tijdens zijn begrafenis in Bergen op Zoom liep Alva, de Spaanse IJzeren Hertog, devoot rouwend mee achter de baar. Een paar weken later werd de markies door de Inquisitierechtbank van de Spaanse koning Filips II postuum ter dood veroordeeld.
De kaart van de abt overleefde alle woelige tijden en kwam in de jaren dertig van de vorige eeuw tevoorschijn in het klooster van Bornem, de voortzetting van het klooster van Sint Bernaards. "Daar lag die kaart ergens opgerold op een kast", aldus Willem van Ham, gepensioneerd archivaris van het stadsarchief van Bergen op Zoom.

Vacuüm
De man die de kaart herontdekte, was de amateur-historicus Frans Akkermans uit Oud Gastel. Zo kwam de kaart aan de benaming 'Gastelse kaart'. Jaren later leende het Stadsarchief Bergen op Zoom het exemplaar van Bornem en liet de verfrommelde kaart vacuüm zuigen door gespecialiseerde medewerkers van de Universiteit van Leiden. Zo kon de oudste Gastelse kaart gekopieerd worden.
De eerste kaart van Jan Symons toont vooral de ruwe, archipelachtige vorm van wat we nu de Westbrabantse kleihoek noemen. Polders zijn er rond 1565 nog niet veel. Aan eb en vloed onderhevige kreken snijden diep landwaarts. De zee komt nog voor de poorten van Steenbergen en Zevenbergen. Hier en daar heeft Indervelde wat lichtbakens, de uit het vlakke land omhoog torenende navigatiepunten voor de scheepvaart.
Op de tweede editie van de Gastelse kaart, de 'sollicitatiebrief' van 1590, nu in het Nationaal Archief te Den Haag, is dat landschap ingrijpend veranderd. De gorzen zijn nu polders geworden, opgedeeld in strak afgebakende percelen van landerijen. Weg is het 'natte, wilde westen' van Brabant.
In een paar jaar tijd heeft zich hier een landschappelijke revolutie voltrokken. Het eenmans-tekenbureau van Indervelde was er nauw bij betrokken. Waar Indervelde verscheen, veranderde de wereld. Hij was het die ook de gorzen van Standdaarbuiten ('t Sand ter buyten), van Fijnaart en van Ruigenhil in kaart bracht.

Netwerk
Het huis van Nassau, in de tijd van Willem van Oranje nog armlastig, was onder diens zoon Prins Maurits al aardig op de kant gekropen. De Nassaus en daaromheen een netwerk van regenten en kooplieden hadden geen Amsterdamse aandelenbeurs, dus investeerden ze in grond en in bedijkingen. Ze huurden projectontwikkelaars in. Een van de bekendste is Pieter Stoffels van Mattemburgh, een man die als een van de eerste Nederlanders een staatspensioen kreeg en die tussen 1624 en 1627 zijn oude dag sleet op kasteel Bouvigne bij Breda.
De wegen van Van Mattemburgh en van Indervelde kruisten elkaar regelmatig. Prins Maurits nam Jan Symonszoon in 1690 in dienst. De tekenaar uit Dordrecht kon met recht glunderen vanwege zijn even originele als succesvolle sollicitatie. Omdat Maurits het vooral druk had met oorlog voeren, besteedde hij de oorlog tegen het water uit aan Van Mattemburgh. De chefprojectontwikkelaar van de Nassaus maakte regelmatige gebruik van de diensten van Indervelde. En later ook van diens zoons, de al even getalenteerde kaarttekenaars Steven en Jacob Symonszoon Indervelde.
"Het werk van Indervelde senior is van grote historische betekenis voor West-Brabant", aldus oud-archivaris Van Ham. "De Gastelse kaart vult op een waardevolle manier onze kennis over het hedendaagse landschap aan. Met die kaarten in de hand, kun je nog heel wat kreken van toen terugvinden, tenminste op de plaatsen waar ze er geen snelwegen en industrieterreinen overheen gelegd hebben."

Zeldzaam
Omdat de originele kaarten van Indervelde nogal flinke afmetingen hebben, zijn ze voor de speciale uitgave van de Geschiedkundige Kring Stad en Land van Bergen op Zoom in stukken verdeeld. Die deelkaarten worden in mappen aangeboden. Voorzitter Johanna Jacobs: "Het is een exclusieve aanbieding. Er wordt maar één druk gemaakt met een oplage van 500 dus het is een zeldzaam aanbod en een unieke kans."
De volledige kaart omvat naast Oud Gastel de huidige gemeenten Halderberge, Steenbergen en Moerdijk. Ook zijn delen afgebeeld van Halsteren, Roosendaal, Zegge en van de Zuid-Hollandse eilanden Overflakkee en Hoekse Waard. Op de editie van 1590 zijn ook de vestingsteden Steenbergen, Willemstad (Ruigenhil) en Klundert (Niervaert) te zien.
Uitgeverij Canaletto in Alphen aan den Rijn verzorgt de uitgave. De kaart uit 1565 wordt in zes bladen gedrukt, terwijl de kaart uit 1590 negen bladen zal beslaan. Deze vijftien bladen worden in kleur gedrukt op een formaat van 43 x 49 centimeter. Bij de kaart zit een toelichtende tekst, inclusief zwart-wit illustraties, van Willem van Ham.
Wie de kaart wil kopen - voor 22 euro - kan een briefje sturen naar de Geschiedkundige Kring van Stad en Land van Bergen op Zoom, Postbus 280, 4600 AG Bergen op Zoom of zich via de website www.geschiedkundigekringboz.nl aanmelden.


Reacties

naam

email

website

Je reactie:

gegevens onthouden   gegegevens vergeten

   

[html toegestaan]