[ links]   []   [archief]   [index]

[<<<] [Project 0] [>>>]

'Hoop op ringwalburcht'

'Hoop op ringwalburcht'
BN/De Stem, 150403
Het zijn lokaties waar het hart van de archeoloog sneller van gaat kloppen. Niet vaak krijgen ze de mogelijkheid wekenlang onderzoek te doen in het centrum van een stad. Stadsarcheoloog Niko Dijk kan nu zijn gang gaan.
Voorafgaand aan de herinrichting van de Oosterhoutse Markt mag Niko Dijk speuren naar het verleden.
De opgravingen worden uitgevoerd door de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek, want de gemeente Oosterhout is om diverse redenen niet bevoegd het werk zelf te doen. Stadsarcheoloog Niko Dijk is een van de medewerkers. Maar er werken ook vrijwilligers mee. Wethouder Yves de Boer (VVD, Stadsvernieuwing): "Door de jaren heen is er in Oosterhout op dit gebied een flinke expertise ontstaan. Daar staan we bekend om."
Oosterhout is ruim duizend jaar geleden rond de huidige Markt ontstaan. De eerste stenen kerk stamt mogelijk uit de tiende eeuw en Dijk sluit niet uit dat er daarvoor houten gebouwen hebben gestaan. De mogelijkheid die de archeologen nu hebben om de Markt letterlijk op zijn kop te zetten is uniek.
Bekend is dat rond de Sint Janskerk een ommuurd kerkhof lag dat tot 1 januari 1829 dienst deed. Skeletten en doodskisten zijn al gevonden. "Stel dat we de kerkhofmuur vinden. Die brengen we dan helemaal in kaart, we maken er foto's van en meten alles op. Daarna breken we de muur af."
Afbreken? "Ja, wat moet je er anders mee doen. Aardewerk stukken bewaren we wel, maar met een muur kun je niks." Gisterochtend stuitte Niko Dijk nog op een zilveren muntje uit 1601, dat op een lichaam lag. Dat wordt uiteraard zorgvuldig geconserveerd.
Bij het opstellen van de begroting van het onderzoek heeft Niko Dijk ingezet op de vondst van 100 tot 150 skeletten. Die inschatting is aan de hoge kant, zodat de kosten achteraf waarschijnlijk meevallen. Daarnaast hoopt Dijk een bouwwerkje uit de tijd van Karel de Grote aan te treffen. Dat zou zeer bijzonder zijn.
Maar echt uit zijn dak gaat de stadsarcheoloog als hij bewijsstukken voor zijn hypothese vindt. "Op de kaart uit 1830 zien we duidelijk cirkelvormige perceelvormen. Die zouden mogelijk kunnen wijzen op een ringwalburcht rond Oosterhout."
In het huidige stratenpatroon is daar nog iets van terug te vinden. Namelijk de kruisvorm die Kerkstraat-Leijsenhoek en Torenstraat-Klappeijstraat vormen. Zo zagen steden met een ringwal er vaak uit. Een ronde ommuring met daarin straten in een kruis. Binnen de ringwalburcht stonden vaak boerderijen. De burchten zijn in de negende eeuw (!) opgericht als bescherming tegen de Vikingen. Middelburg is ook een stad met een dergelijk verdedigingswerk.
"Onderstreep wel dat het een hypothese is. Maar als we er bewijzen van vinden zou dat een spectaculaire vondst zijn", zegt de stadsarcheoloog. En in Oosterhout zijn eerder 'gekke' dingen gevonden. Daarom wordt er bij bouwprojecten in de binnenstad altijd rekening gehouden met een archeologische zoektocht. Ook al vertraagt dat het eigenlijke werk. "Dat het werk zou worden vertraagd wisten we al. Maar stel dat we een loden kist vinden met restanten van een Oranjeprins, ja, dan valt het werk een jaar stil!" aldus wethouder De Boer.
Om passanten te wijzen op de bijzondere activiteit in het Oosterhoutse centrum worden er binnenkort een groot informatiebord op de Markt geplaatst. De gemeente begon in 1999 met de plannenmakerij voor de reconstructie. De Markt moest als 'verblijfsgebied' worden opgekrikt, zegt wethouder De Boer. Via een prijsvraag en een bindend referendum kwam het huidige plan in uitvoering. Opmerkelijk detail daarbij is dat de ontwerper niet alleen een plan moest indienen, maar ook met een aannemer moest komen die het uit zou kunnen voeren. Zo bleven al te dwaze ontwerpen uit.
De reconstructie is een zogeheten turn-key-project. De gemeente en de aannemer hebben afgesproken wanneer het werk klaar moet zijn. Hoe de aannemer zijn werk inricht is zijn zaak, niet dat van de gemeente. Vijf zes weken zijn ingeruimd voor archeologisch onderzoek.